Hoe geef je, zonder op te raken?

Als volwassene begon ik er aan te twijfelen. Dat geven gelukkig maakt. Ik voelde me namelijk niet zo gelukkig.

Helemaal niet eigenlijk.

Dat terwijl ik ontzettend veel gaf. Mijn tijd, energie en geld bezag ik niet als eigendom maar als een middel om anderen te helpen. Dat ik het ook zelf nodig had? Nooit aan gedacht.

En dat er een voorwaarde aan zou zitten? Nooit aan gedacht.

Onder welke groep val jij?

Als je de mensheid opdeelt naar de mate waarin ze geven krijg je deze 3 groepen:

Gevers

Mensen die veel geven zonder daar iets voor terug te verwachten. Ze hebben vaak veel vrienden en kennissen omdat anderen het fijn vinden om met ze om te gaan. Gevers halen voldoening uit het leven als ze het gevoel hebben dat ze bijdragen aan een goed doel.

Nemers

Soms hebben ze het zelf niet eens door en vragen ze zich af waarom ze zo weinig vrienden hebben. Maar dat is natuurlijk niet zo raar, als je altijd beter probeert te worden ten koste van anderen. Nemers raken gemotiveerd door dingen voor zichzelf te doen.

Ruilers

Hier vallen waarschijnlijk de meeste mensen onder. Ik doe iets voor jou in de hoop dat jij ook weer iets voor mij doet. Zelfs mensen die heel genereus lijken kunnen hier onder vallen als ze op deze manier waardering, dankbaarheid of een bepaalde status proberen te krijgen.

De meeste mensen zullen switchen van groep afhankelijk van de situatie. Misschien ben je iemand die in haar privé leven veel andere mensen helpt, maar gedraag je je op je werk als een ruiler. Je wil namelijk wel een salaris in ruil voor het werk dat je doet.

Maar uiteindelijk heb je wel een standaard modus waarin je leeft. En ik denk dat de meeste lezers van dit blog zich zullen herkennen in de eerste groep.

Maar er is iets geks aan de hand met die eerste groep. Adam Grant, schrijver van het boek Give and Take, heeft namelijk onderzocht welke groep mensen nou het gelukkigst of het meest succesvol is.

Hij kwam tot de conclusie dat de mensen die het meeste voldoening uit hun leven halen, die gelukkige relaties hebben en die ook succesvol zijn in de dingen die ze doen, vooral in de groep gevers zitten. Maar de losers, mensen die overspannen raken, mislukken of ongelukkig zijn, zitten in dezelfde groep!

Huh!?

 

Gewoon ‘geven’ is geen garantie voor geluk

Oké, blijkbaar doe ik dan toch iets fout. Want met mijn burn-out ben ik dus zo’n mislukte gever..

Ik wil je vertellen over een studie die in het boek stond die me aansprak. Omdat ik zelf 2 jaar heb gewerkt in een call-center als technische-helpdesk medewerker, kan ik me goed inleven in de personen waarmee het experiment werd gedaan.

Een call-center.. brr ik krijg er al rillingen van

Het gaat dus om een een call-center in een universiteit die geld inzamelde voor een beurs voor studenten die de studie anders niet zouden kunnen betalen. De bellers werden doormiddel van een vragenlijst ingedeeld in groepen. Gevers, nemers en ruilers. Daarna werden hun prestaties, de hoeveelheid geld dat ze inzamelden, met elkaar vergeleken.

  • Het slechtst presteerden de gevers, ze voelden zich uitgeblust, terwijl je zou denken dat zij juist degenen waren die het meest gemotiveerd zouden moeten zijn, omdat het ging om een goed doel!
  • De nemers daarentegen presteerden het beste, blijkbaar motiveerde het hun genoeg dat ze een goedbetaalde baan hadden en daarmee iets voorzichzelf deden.

Toen kwam iemand met het idee om, voordat de werkdag begon, de bedankbrieven voor te lezen van de studenten die zo’n beurs hadden ontvangen. In de eerste week na deze kleine aapassing brachten de gevers ineens 3x meer geld binnen dan ze daarvoor deden. Wat bleek dus het probleem te zijn geweest? Ze zagen niet hoe hun werk het leven van afzonderlijk personen verbeterde, maar nu dus wel. 🙂

Tegenwoordig is het heel vaak zo dat het werk dat je doet vaak maar een klein onderdeel is van een veel groter proces. Als ik iemand aan de lijn kreeg waarvan het internet niet werkte en ik een bepaalde stap met die persoon doorliep, kreeg ik meestal niet meer te horen hoe het was afgelopen.

Artsen die een röntgenfoto binnenkrijgen van een patiënt en daar iets uit moeten halen zonder ook maar ooit het gezicht te hebben gezien. Leraren die hun leerlingen een jaar lang opleiden om vervolgens niets meer van ze te horen. Wat zou er van ze zijn geworden, heeft het nut gehad dat ik zo mijn best heb gedaan?

 

Ik vind het een fijne manier om er zo over te denken

Je zult nooit iedereen kunnen helpen en er zijn altijd genoeg mogelijkheden om te geven. Waarom zou je het dan aan het toeval overlaten wie en hoe je helpt, en waarom zou je altijd de mensen die het hardst schreeuwen uit de brand helpen?

Wat voor soort mensen vind je fijn om te helpen? Zijn het personen die ook echt iets gaan doen met de handvatten die je ze aanrijkt? Of zijn het personen die alleen maar willen klagen?

Bepaal je eigen regels over op welke manier je geeft. Zodat de energie die je weggeeft weer tot je terug komt omdat je er voldoening uit put. Welke doelen spreken jou persoonlijk aan? Wat staat in het verlengde van je eigen waarden? Wat maak je blij? Op deze manier wordt energie weggeven dé manier om je batterij op te laden. Geven maakt gelukkig, als je gelukkig geeft. 😉